Hoe sport tot leven komt dankzij het sigarenmagazijn
De strijd om een
fraaie lichtbak
door Hans Piët
DEN HAAG –In het begin van de vorige eeuw is het
als heer van stand gebruikelijk om bij gelegenheid een sigaar te roken. Hoewel
statistieken aangeven dat er met het vervaardigen van die rookwaar geen
florissant bestaan wacht, telt ’s-Gravenhage tussen 1890 en 1930 vijfenveertig
tabak- en sigarendrogerijen. Die panden zijn te vinden in onder meer de
Hofwijckstraat 43/45, Stationsweg 38, Papestraat 7, Hobbemastraat 129,
Boekhorststraat 37 en Balistraat 67. De Residentie heeft in die periode ook
vijf sigarenfabrieken met onderkomens in onder meer de Prins
Hendrikstraat 46, Noordwest-Binnensingel 46 en de Retiefstraat 5. Opmerkelijk,
ook omdat het verkrijgen van een vergunning veelal op zich laat wachten en
buurtbewoners vaak protesteren tegen de komst. Ze menen dat aan de waarde van
hun woning “aanzienlijke schade zal worden toegebracht”.
| Het ontwerp van de 'Elwawi'-lichtbak voor Daniël Smeltzer. Tekening: HGA |
Daniël Martinus Smeltzer is chef-beheerder van het
filiaal van de N.V. A. Hillen’s Sigaren- & Tabaksfabrieken, het magazijn
‘Prinsenhof’ aan de Oude Delft 82 in Delft. Hij zit ook in de directie van N.V.
Tabaks- en Sigarenfabriek v/h G. van der Spek. Aannemelijk is te
veronderstelling dat de op 29 juni 1884 in Herwen & Aerdt (bij Lobith)
geboren Daniël bij zijn verhuizing in april 1923 naar ’s-Gravenhage voor een
soortgelijke functie heeft gekozen. Niets is minder waar.
Scherpe achteruitgang
Dat hij bij Hillen’s sigarenfabrieken vertrekt, heeft te
maken met de scherpe achteruitgang van het bedrijf, dat in 1770 door Gerrit Hillen is opgericht en na zijn dood door zijn zoon Albertus is voortgezet. Het is daarmee de oudste fabriek van ons land. In maart 1921 is er bij de fabriek ontslag voor
25 sigarenmakers ‘wegens slapte’. Een aantal jaren wordt er ook geen dividend uitgekeerd.
In 1929, Daniël werkt er niet meer, wordt op de jaarvergadering van
aandeelhouders opgemerkt ‘dat de zaak door en door ziek is’. In september van
dat jaar vraagt directeur Cornelis Nicolaas Johannes Hioolen zijn ontslag aan. Op
18 februari 1937 is het eindpunt van de firma daadwerkelijk bereikt. Even later,
op 17 juli van dat jaar, worden de fabrieken, naar een ontwerp van Hioolen en
in 1910 neergezet, voor 51.300 gulden (€ 23.279) doorverkocht aan N.V.
Koninklijke Fabriek F.W. Braat uit Delft.
Daniël staat dan al een aantal jaren op eigen benen als
eigenaar van een tabakswinkel. Samen met zijn vrouw Elisabeth Jacoba van Hest (geboren
op 5 juli 1886 in Leiden) en dochters Elisabeth Jacoba Henriette (1909) en Jenneke
Johanna (1911) heeft hij voor de Javastraat 112 gekozen. De huurwoning ligt op
de hoek met de Frederikstraat. Daar verkoopt hij onder de naam sigarenmagazijn Elwawi,
geïmporteerde sigaren, sigaretten en pijptabak met als specialisme de verkoop
van zandblad-sigaren van 3 cent per stuk. Het is een tijd dat er anders dan tegenwoordig, naar die rookwaar wordt gekeken. Het roken van een sigaar of
| Prijscourant van sigarenfabriek A. Hillen uit Delft. Foto: archief. |
Die sigarenwinkel is niet het enige dat Smeltzer
bezighoudt. Zo staat hij op 30 juli 1924 met initiatiefnemer Matthijs Willem
Spoor, van beroep behanger, kapper Andries Hollinga en pianostemmer en
-handelaar François Herman Joseph Philip Keislair aan de wieg van de
Vereeniging van Winkeliers in den Archipel. De eerste winkelweek wordt gehouden
van 22 tot en met 30 november 1924. Hij gaat van start met een wandeling door de wijk van
het Archipel-muziekkorps. Voor de kinderen is er een letterraadsel
uitgestippeld. De prijzen zijn beschikbaar gesteld door verscheidende
winkeliers. Honderdzeventig nemen deel en doen zo automatisch mee aan de
etalagewedstrijd, waarbij door de bewoners de meest aansprekende etalage wordt
gekozen. Na een aantal van die winkelweken, is de conclusie van de bewoners dat
Daniëls sigarenmagazijn Elwawi een van de Archipelzaken is, die altijd een
goede etalage heeft. ‘Het is een parel in de wijk’.
Voorzittershamer
Een aantal jaren later neemt Daniël de voorzittershamer
over van Matthijs Spoor. De oud-voorzitter van de Algemeene Nederlandsche Bond van
Behangers, Meubelmakers en Patroons kwakkelt met zijn gezondheid. Hij overlijdt
op 14 maart 1930, 52 jaar oud. Daniël heeft dan al laten zien een bezig baasje
te zijn. Zo is hij in 1921 penningmeester van het Eijken Comité, dat geld
inzamelt om werktuigkundig ingenieur Frits Evert Eijken te huldigen. De amateur-roeier
heeft in het Britse Henley de Diamonds-sculls gewonnen.
Dat Daniël een groot voetballiefhebber is, blijkt nog eens in 1923 wanneer hij als secretaris plaatsneemt in het comité dat de Delftse voetbalvereniging D.H.C. huldigt. Daarbij krijgen de spelers een gouden dasspeld als aandenken uitgereikt. In 1925 is de sigarenboer aanwezig in een sub-comité van het Haagsch Olympisch Comité. Om steunverlening ten bate van de Olympische Spelen te voeren, wordt een sportoptocht in de Archipelwijk georganiseerd.
Wat opvalt aan zijn winkel in de Javastraat 112 is niet alleen de kleurrijke lichtbak met de naam van de zaak en de stijlvol ingerichte etalages, maar ook het bord en het kastje die aan de muur zijn bevestigd. De eerste voor het tonen van de voetbaluitslagen van de 1e klasse wedstrijden over geheel Nederland. Tijdens het sportseizoen van zaterdagavond 8 uur tot maandagmorgen 12 uur. “Dus tot na het verspreiden van de ochtendkranten”, aldus Smeltzer.
Het zogenoemde standenkastje, door het publiek aangeduid als Standenbord, is 172 centimeter hoog, 46 centimeter breed en 8 centimeter diep. In dit kastje zijn 22 miniatuur voetballers in de kleuren van de voetbalclubs geplaatst. De achtergrond is een ladder. Boven de hoogste trede staat geschreven ‘Naar het kampioenschap van Nederland’. Als een club wint krijgt hij van de K.N.V.B. twee punten, bij gelijk spel 1 punt. Het ‘standenbord’ geeft de hele week aan hoeveel punten de clubs hebben. “De praktijk wijst uit dat het bijhouden hiervan door jong en oud, arm en rijk met belangstelling wordt gevolgd”, aldus Daniël. “Ik ontvang regelmatig complimenten”.
Dat Daniël een groot voetballiefhebber is, blijkt nog eens in 1923 wanneer hij als secretaris plaatsneemt in het comité dat de Delftse voetbalvereniging D.H.C. huldigt. Daarbij krijgen de spelers een gouden dasspeld als aandenken uitgereikt. In 1925 is de sigarenboer aanwezig in een sub-comité van het Haagsch Olympisch Comité. Om steunverlening ten bate van de Olympische Spelen te voeren, wordt een sportoptocht in de Archipelwijk georganiseerd.
Wat opvalt aan zijn winkel in de Javastraat 112 is niet alleen de kleurrijke lichtbak met de naam van de zaak en de stijlvol ingerichte etalages, maar ook het bord en het kastje die aan de muur zijn bevestigd. De eerste voor het tonen van de voetbaluitslagen van de 1e klasse wedstrijden over geheel Nederland. Tijdens het sportseizoen van zaterdagavond 8 uur tot maandagmorgen 12 uur. “Dus tot na het verspreiden van de ochtendkranten”, aldus Smeltzer.
Het zogenoemde standenkastje, door het publiek aangeduid als Standenbord, is 172 centimeter hoog, 46 centimeter breed en 8 centimeter diep. In dit kastje zijn 22 miniatuur voetballers in de kleuren van de voetbalclubs geplaatst. De achtergrond is een ladder. Boven de hoogste trede staat geschreven ‘Naar het kampioenschap van Nederland’. Als een club wint krijgt hij van de K.N.V.B. twee punten, bij gelijk spel 1 punt. Het ‘standenbord’ geeft de hele week aan hoeveel punten de clubs hebben. “De praktijk wijst uit dat het bijhouden hiervan door jong en oud, arm en rijk met belangstelling wordt gevolgd”, aldus Daniël. “Ik ontvang regelmatig complimenten”.
| Werktekening van de Laan van Meerdervoort 37 t/m 43. Smeltzer gebruikt de linker winkel. Tekening: Hans Piët. |
Tijdens het voetbalseizoen maakt hij op zondag ook gebruik van vier vlaggen- stokken. Daarmee geeft hij aan of de 1e klasse
Haagse voetbalclubs H.V.V. (een geel-zwart-gele vlag), H.B.S. (de kleuren
zwart-rood-wit-zwart), V.U.C. (zwart-wit-zwart) en A.D.O (rood-groen-rood)
spelen. Ze worden uitgestoken van ’s ochtends 9 uur tot ’s avonds 9 uur maar
alleen als de clubs spelen. Dat levert geen problemen op totdat hij per 1 juni
1930 noodgedwongen moet verhuizen. De eigenaar heeft nieuwe huurders voor zijn
pand gevonden. Het gaat om de muziekwinkel van Hoeks & Hemsing, die een
ruime sortering aan klassieke en moderne muziek aanbiedt. Heel succesvol is die
onderneming niet. Reden waarom het bedrijf in november 1933 plaats maakt voor Reformwinkel
van Os. De firma, waar onder meer Forma Natura-schoenen, ‘gemaakt volgens de
natuurlijke vorm van de voet’, te koop zijn, verhuist wegens uitbreiding van de
Mezenlaan 50 naar de Javastraat 112.
Erelid
Daniël Smeltzer kiest bij zijn verhuizing voor de Laan
van Meerdervoort 39. Bij zijn afscheid wordt de sigarenhandelaar benoemd tot erelid
van de Vereeniging van Winkeliers van den Archipel. Hij geeft de
voorzittershamer over aan François Keislair. Om geen problemen te krijgen,
vraagt hij begin mei een vergunning aan voor het plaatsen van de oude lichtbak
op de nieuwe winkelpui. De bedoeling is hem direct boven de winkelruit te
bevestigen. “Hem plaatsen tussen de 2e en 3e etage heeft
geen zin, aangezien deze reclame het wel en wee van mijn zaak uitmaakt”, laat
hij Jacobus Willem Leijh, hoofdinspecteur bij Bouw- en Woningtoezicht, weten.
“Indien u de lichtbak een dezer dagen laat controleren, gelieve er rekening mee
te houden dat het derde deel dat aangeeft: ‘zending door de geheele wereld,
speciaal voor de koloniën’ wat verkleurd is. Met de plaatsing zal hij weer op
kleur worden gebracht. Ook de lijst wordt opnieuw geschilderd. Tenslotte heb ik
nog één verzoek. Door het wat laat tot overeenstemming komen met de (nieuwe)
huisbaas (de N.V. Maatschappij tot Exploitatie van Onroerende Goederen
‘Carnegielaan’) en in de veronderstelling dat het overplaatsen van de lichtbak
geen moeilijkheden zou opleveren, slechts twee jaar geleden heb ik een keurige
tekening in kleur overlegd, is de tijd wat beperkt geworden. Ik verzoek u beleefd
deze aanvraag zodanig te behandelen dat ik in de week van 25 t/m 31 mei de bak
kan laten plaatsen. De bedoeling is op 2 juni te heropenen”.
| Beeld dat aangeeft hoe de lichtbak op de gevel komt. Foto: archief. |
De sigarenboer geeft aan dat er twee manieren zijn om de lichtbak op de gevel aan te brengen. Manier A is volgens hem het beste omdat dan de bijzondere architectuur van raam 3 geheel ongemoeid blijft. Bij keuze B houdt de bak het midden van de gevel, maar neemt het raam in zich op. “Voor mij is B met het oog op de ligging van de winkel ten opzichte van de aan de overzijde gesitueerde Van der Spiegelstraat beter, maar ik laat de plaatsing geheel aan uw inzicht over”, aldus Smeltzer.
Koningin Wilhelmina
Hij vraagt wel of er haast gemaakt kan worden met de
beslissing. "Ik heb veel tijd nodig gehad om alle gegevens bijeen te krijgen. Na uw eventuele goedkeuring is er nog het nodige werk, over verschillende schijven, door de veranderingen die tot stand moeten komen. Tegelijkertijd zag ik de lichtbak gaarne nog voor de feesten van H.M. koningin Wilhelmina geplaatst" - 1930 is een kroonjaar met de viering van haar vijftigste verjaardag, in Den Haag op 30 augustus ingekleurd met een lichtfeest.
Op 26 augustus 1930 verleent de gemeente Daniël Smeltzer officieel
zijn vergunning voor het aanbrengen van de lichtbak. Dat is mede te danken aan Mauve.
De architect en zijn schoonheidscommissie zijn blijkbaar van gedachten
veranderd en hebben op 13 augustus laten weten dat “tegen het aanbrengen van
bedoelde lichtbak geen overwegend bezwaar bestaat”.
Er zijn uiteraard wel voorwaarden aan verbonden. Zo mag
de voorsprong buiten de gevel niet groter zijn dan 30 cm en de onderkant moet
2,75 meter boven het trottoir komen. De elektrische verlichting mag niet
zodanig opeenvolgend in- en uitgeschakeld worden dat daardoor flikkerlicht
ontstaat.
Economische terugslag
Smeltzer constateert dat hij op een verkeerd moment heeft
moeten verhuizen. Zo heeft de handel en daarmee de winkelier te kampen met een forse
economische terugslag (de crisis van de jaren dertig). Die wordt extra gevoed door
de regering, die in 1929 het besluit neemt, dat na het sluitingsuur der winkels,
tabaksartikelen mogen worden verkocht in hotels, cafés, restaurants, theaters,
bioscopen en lunchrooms. Een firma als A.W. Zimmerman (gevestigd aan de
Stationsweg 64 in Den Haag) speelt daar handig op in door sigarenautomaten te
ontwikkelen. Zo’n apparaat moet vanaf begin1932 door bijvoorbeeld cafés en
hotels worden aangeschaft. In dat jaar wordt de verordening van kracht, dat ook
daar geen losse sigaren meer mogen worden verkocht. Reden voor Zimmerman om een
handzame automaat te ontwikkelen die weinig ruimte inneemt op het buffet en
makkelijk is te bedienen. Dubbeltje in de gleuf en de sigaar komt er onmiddellijk
uitrollen.
| Sigarenzakje van Elwawi. Foto: pr. |
| Een goede sigaar voor vader. Tekening: pr. |
In al zijn onschuld, in de Javastraat 112 heeft het nooit problemen opgeleverd, hangt Smeltzer, na de opening van zijn winkel aan de Laan van Meerdervoort 39, het bord en het kastje weer op. Ook monteert hij de vier vlaggenstokhouders aan de gevel. Nog geen week later, begin september, ligt er een proces-verbaal in de brievenbus wegens het overtreden van de artikelen 1 en 11b der Algemene Politieverordening. Daniël reageert niet. Reden voor Jacob Leijh (op 16 maart 1878 geboren in Kampen) om een brief te schrijven waarin hij duidelijk maakt dat bedoelde reclamevoorwerpen ‘uit het oogpunt van welstand in verband met de omgeving, niet toelaatbaar zijn te achten’.
Smeltzer dient er zorg voor te dragen, 'dat de voorwerpen uiterlijk twee dagen na ontvangst van deze aanschrijving, zijn verwijderd'. Hij krijgt de waarschuwing, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 180 der gemeentewet. Zijn de reclamevoorwerpen niet weggenomen, dan worden ze door medewerkers van Gemeentewerken verwijderd. Daarna zal hij, tegelijk met het overhandigen van het materiaal, een opgave van de kosten krijgen, die hij direct zal moeten voldoen.
Sportpropaganda
Daniël verwijdert het bord, het kastje en de
vlaggenstokhouders en besluit aan de gemeente een vlammend betoog te schrijven
over hoe sigarenmagazijnen vanaf de start van de eeuw de sportpropaganda hebben
gestimuleerd door initiatieven voor publicatie op zich te nemen. “Eerst veel
later kwam de pers ook tot dat besluit, hoewel nog maar gedeeltelijk. Kranten
en tijdschriften publiceren namelijk nog niet op een manier zoals het publiek
dat wenst. Daar ik persoonlijk steeds van het standpunt ben uitgegaan dat het
beter is door middel van sportberichten mensen aan te moedigen om naar de
sportvelden te gaan in plaats van naar het café en ik bovendien een van de
eerste en oudste winkeliers ben die met sportpublicatie is begonnen, heb ik
bedoelde berichten ook steeds naar de tijd en eis gemoderniseerd. Ik ben
dus met mijn tijd meegegaan. Ik heb er, zowel in Delft als in de Javastraat, steeds
een grootse sportpublicatie op nagehouden. Daarbij hebben de verschillende
autoriteiten het mij nooit lastig gemaakt. Op geen enkele manier. Sterker, ik
ben steeds opnieuw gecomplimenteerd en aangemoedigd het werk voort te zetten.
Ik bedoel hier, uit alle klasse van de maatschappij”.
Daniël beschrijft dat met zo’n verleden, het proces-verbaal rauw op zijn dak kwam vallen. “Ik was onwetend, dat ik in overtreding was”.
Daniël beschrijft dat met zo’n verleden, het proces-verbaal rauw op zijn dak kwam vallen. “Ik was onwetend, dat ik in overtreding was”.
Hij richt zich bij zijn aanvraag om alsnog toestemming te
krijgen in het voetbalseizoen gebruik te mogen maken van het ‘berichtenbord’ en
het ‘standenbord’ direct tot burgemeester Patijn. Hij stuurt daarbij foto’s mee
om de plaats op de gevel aan te geven en verzekert de stadsbestuurder dat het
bord en het kastje niemand zal hinderen.
Op 5 december 1930 krijgt Daniël Smeltzer toestemming om gedurende het voetbalseizoen het berichtenbord en het standenkastje op te hangen. Voor de vlaggenstokken zijn geen termen gevonden vergunning te verlenen.
Op 5 december 1930 krijgt Daniël Smeltzer toestemming om gedurende het voetbalseizoen het berichtenbord en het standenkastje op te hangen. Voor de vlaggenstokken zijn geen termen gevonden vergunning te verlenen.
Korlvinke
Echt lang houdt de sigarenboer het niet uit aan de Laan
van Meedervoort. Na drie jaar kan hij, zoals veel anderen, de economische
depressie niet langer het hoofd bieden. Hij wordt filiaalhouder bij de N.V.
P.H. Korlvinke & Co aan de Frederik Hendriklaan 265. De op 1 mei 1882 in
Hoorn geboren Petrus Hendrikus Korlvinke,
| Sigarenzakje van de firma Korlvinke & Co met 25 zaken in Den Haag en omgeving. Foto: pr. |
Daniël Smeltzer werkt twee jaar voor Korlvinke en besluit
in september 1935 om, samen met zijn vrouw, naar Delft terug te keren. Daar
overlijdt hij op 23 februari 1940 op 55 jarige leeftijd.